Over G.J. Klokman. Zijn werk, zijn instituut en liefhebberijen.

Door Betty Blikman-Ruiterkamp
www.oudzelhem.eu


Waarschijnlijk zegt de naam Gerrit Jan Klokman u weinig. Maar mogelijk ook wel. Want, hoewel al lang overleden, haalde hij indertijd regelmatig de krant, bijvoorbeeld als spreker en schrijver in de Achterhoek en daarbuiten. En wie schrijft, die blijft! Hij publiceerde een enorme stroom van verhalen en geschiedenissen, gekruid met humor en satire, zowel in onze landstaal als in het dialect. Met de laatste is hij indertijd echt bekend geworden. Maar behalve dit, is er nog veel meer over te vertellen over deze begaafde man. Hier een poging om het leven van deze bijzondere Achterhoeker te beschrijven.

Stukje  IJzevoordse geschiedenis:  IJsbaan Halfweg

Dit artikel is reeds eerder gepubliceerd in 2010  in de Pokker.
door Gerrit Knake en Gerry Colenbrander
www.oudzelhem.eu

De huidige IJsvereniging Zelhem is  opgericht op 5 december 2003 en exploiteert de natuurijsbaan Halfweg. De baan zelf heeft echter al een veel langere geschiedenis, waar veel mensen uit IJzevoorde en omgeving bij betrokken zijn geweest.Eigenlijk had de ijsbaan bij café Halfweg Dierssen aan de Doetinchemsewg de afkorting
HA-we-he-ho als naam, waarbij de afkorting stond voor Halfweg Heidenhoek.

Lüdovicus en de Wodanseik in 801                                    

Door Derk Jan Bovenmarsch                                                                                           www.oudzelhem.eu

Lüdo was de jongste zoon van een rijke, duitse graaf met een landgoed in de buurt van Münster. En omdat het een grote eer was dat één uit het geslacht priester werd, werd hij naar een klooster gestuurd om daar te gaan studeren en kreeg de naam Lüdovicus. Er werd niet alleen gestudeerd maar hij leerde er ook en vak. Hij werd timmerman, meubelmaker en beeldhouwer. De beste van allemaal.

Op een dag kwam Ludger het klooster bezoeken om hem en anderen in het priesterambt te bevestigen. Wat hem meteen opviel was het fraaie werk van Lüdovicus. Ludger was bezig een gemeente te stichten in Salehem. Dat was een klein dorpje in een ruig en ruw oord. De bevolking was er nog grotendeels ongekerstend. Het lag geïsoleerd tussen moerassen en heidevelden. Lüdovicus kreeg van Ludger de opdracht daar een kapel te bouwen. Hij ging op weg met een zak gereedschap en een zware bijl in de riem van zijn pij gestoken. Ludger had hem uitgelegd waar het ongeveer lag, maar de weg er naar toe was toch moeilijker dan Lüdovicus gedacht had. Hij moest naar het westen en liep meestal 's nachts om zich op de sterren te kunnen oriënteren. Dat was makkelijker dan overdag met de zon. Maar ook gevaarlijker. Hij werd eens door twee struikrovers overvallen, maar zijn bijl was niet alleen gereedschap, maar ook een machtig wapen in een geoefende hand. Hij had ze op de vlucht weten te jagen. Een enkele keer kon hij een stuk meerijden op een boerenwagen en vroeg dan steevast aan de voerman waar Salehem lag, maar niemand had daar ooit van gehoord. Zo trok hij min of meer op goed geluk verder.

Wegbeheer en bunkerdeksels

Dit artikel is reeds eerder gepublceerd in Kronyck jaargang 41 nr 163 juni 2017  Wegbeheer en bunkerdeksels door Bennie Eenink.
www.oudzelhem.eu
6 Bunker
Ooit konden wegen wel meer dan een kilometer breed worden. Later greep de overheid in, soms met bijzondere hulpmiddelen. Ook in onze familie kwam dat voor. Omstreeks 1960 kochten mijn ouders landbouwgrond van onze buren. De mannen van het kadaster kwamen om de nieuwe situatie van onze boerderij in kaart te brengen. Opa werd er ook bijgehaald want de mannen ontdekten iets vreemds. Achter onze boerderij bleek de toen nog naamloze zandweg niet overeen te komen met de kaarten die ze bij zich hadden. Over een lengte van ongeveer veertig meter lag de weg meer naast dan op de plek waar ze volgens de kaart zou moeten liggen. Misschien dat opa wist wat er aan de hand was.

 Van der Poest Clement.

Door Betty Blikman-Ruiterkamp
www.oudzelhem.nl

Geen enkele plaats kan zonder een huisarts. Deze eerstelijnsvoorziening is een vereiste. Zelhem had vóór 1800 zo’n vakman, maar moest deze delen. Er was een gemeentearts aangesteld die behalve Zelhem ook Ambt-Doetinchem bediende. Na 1824 schijnt dit niet meer het geval te zijn en kunnen we er vanuit gaan dat de qua oppervlakte forse gemeente Zelhem zelf een eigen gemeentearts had aangesteld. Voor hen was er eensoort handleiding beschikbaar: Instructie voor den Gemeentegeneesheer.

v.d. Poest Clement dr Everard Hendrik van der Poest Clement.
Foto: fam.v.d. Poest Clement

Begraven in Halle 

 Door Bennie Eenink.                                         www.oudzelhem.eu

(Dit artikel is oorspronkelijk gepubliceerd in de Kronyck nr. 164, van september 2017. Destijds was dat het gezamenlijke tijdschrift van de oudheidkundige verenigingen in Doetinchem, Gaanderen en Zelhem.)

Halle heeft een bijzondere begraafplaats, 155 jaar oud en nog nooit geruimd. Aanleiding voor de auteur om eens in de geschiedenis te duiken van het begraven in Halle. Tegelijkertijd legt hij daarmee een interessant stukje historie bloot van dit kerkdorp tussen Zelhem en Varsseveld, waar de bewoners pas sinds 1858 in hun eigen kerkgebouw ter kerke kunnen gaan.
Halle

Tegenwoordig wonen er in Halle ongeveer 2.300 mensen. Daarvan wonen er 700 in het dorp Halle en de rest in het buitengebied. In 1852 zag het er nog heel anders uit Halle. Er stonden destijds 128 huizen die bewoond werden door ongeveer 700 mensen. Al die huizen, voornamelijk boerderijen, stonden in wat we tegenwoordig het buitengebied noemen. Er stonden geen huizen in het dorp om de simpele reden dat het dorp er nog niet was. Halle was destijds niet meer dan een buurtschap van de toenmalige gemeente Zelhem. De meeste Hallenaren, ongeveer 600, hoorden ook kerkelijk bij Zelhem. Voornamelijk langs de grens met Lichtenvoorde woonden circa 100 mensen die bij de parochie van Zieuwent hoorden. Een bezoek aan de kerk in Zelhem betekende voor de meeste Hallenaren een voettocht van één tot anderhalf uur. En door de slechte wegen zal dat op een winterdag nog langer zijn geweest. Een eigen kerk was dan ook een langgekoesterde wens in Halle. Vanuit Zelhem was er weinig bereidheid tot medewerking omdat men het verlies van inkomsten en bezittingen vreesde als Halle kerkelijk zelfstandig zou worden. Uiteindelijk lukte het toch en in 1858 werd het kerkje in Halle ingewijd. Waar nu het bedrijf Coops Mengvoeders staat werd in 1848 door de heer Horsting een windmolen gebouwd. Achteraf gezien markeren de bouw van die molen en tien jaar later de bouw van het kerkje het begin van het huidige dorp Halle.

Notaris Antonius Gerhardus Schepers 

Door Betty Blikman-Ruiterkamp 
www.oudzelhem.eu
                                                                                

Er was eens …  een mooi, royaal pand, dat dichtbij het kruispunt van de Hummeloseweg, de Smidsstraat en de Magnoliaweg stond. Het was een van de weinige huizen in Zelhem die de naam ‘villa’ echt verdiende. Voor het toenmalige Zelhem zag het er sprookjesachtig uit.

Schepers pand De  notarisvilla van Schepers. Foto uit de coll. van Eef Oosterink

Herinneringen aan onze Heide

Door Gert Jan Lemereis. 
www.oudzelhem.eu                                                                                                      1925 2 School met meestershuis Halle Heide 1925

   Halle Heide 1925

Bij de Oudheidkundige Vereniging ‘Salehem’ is men in het bezit van een boekwerkje ‘Herinneringen 1940-1945’, waarin Gerrit Jan Lemereis, destijds hoofd van de school in Halle-Heide, zijn herinneringen aan die periode heeft gebundeld. Voor ons aanleiding om ons eens te verdiepen in de persoon van meester Lemereis, zijn school en de buurtschap Halle-Heide. Daarbij bleek er nog een tweede boekwerkje te bestaan van zijn hand, ‘Herinneringen aan onze Heide’. Hierin zijn de bijdragen gebundeld die hij rond 1972 schreef voor de schoolkrant en waarin hij terugblikt op zijn lange periode als hoofd van de school vanaf de oprichting in 1922 tot zijn pensionering in 1959. Het geeft een mooi en levendig beeld van Halle-Heide in die vooroorlogse jaren.

Neeltje Klumper, Mijn jeugd in Zelhem.

Opgetekend in Dieren in 1931 door Mw. N. Bennink- Klumper.
Eerder, deels verschenen bij de Oudheidkundige Vereniging  De Graafschap.
www.oudzelhem.eu

01 Smidstraat 1913
De woning van Klumper in de Smidsstraat.

Neeltje Klumper * 27-4-1881, overleden 1961 Zelhem, vernoemd naar grootmoeder Neeltje van den Heuvel-Boshuis, was een dochter van Gerhard Klumper * 27-5-1852 Zelhem, overleden 19-5-1930, en de uit Barneveld afkomstige Annetje van de Heuvel* 16-4-1841, overleden 20-12-1907 Zelhem,  ze woonden aan de Smidsstraat 6/8.
Vader G. Klumper was eerst brievengaarder (postbode) maar klom op tot postagentschaphouder, een functie die na 40 jaar beloond werd met een kristallen inktpot met zilverdop met inscriptie.

Brunsveld Verhalen

Boerderij Brunsveld 
door Betty Blikman-Ruiterkamp.
www.oudzelhem.eu


brunsveld05
             Boerderij Brunsveld in 1996. Foto: A.M. Gerritsen (Brunsveld)

Boerderij Brunsveld in de Heidenhoek kent een rijke historie.
Dit verhaal is grotendeels eerder gepubliceerd in de Kronyck 172 van september 2019. Het blad van de oudheidkundige verenigingen.

Twee foto’s van herdenkingsstenen in een muur trokken de aandacht tijdens m’n vrijwilligerswerk bij het Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers in Doetinchem. In welke muur zouden ze zitten of hebben gezeten? Dat stond er niet bij.